Algemene informatie

12 januari, 12.01 uur

Bezoek aan waterstoffabriek biedt stof tot nadenken

DEN HAAG / MAINZ – Een stuk wijzer geworden heeft het Tweede Kamerlid Maurits von Martels uit Hessum vrijdagmiddag een tweedaags werkbezoek aan de waterstoffabriek van Siemens en Linde Gas in Mainz afgesloten. Hij was daar met zijn collega’s Suzanne Kröger (GroenLinks), Mustafa Amhaouch (CDA), William Moorlag (PvdA), Chris Stoffer (SGP) en mevrouw Van Houwelingen, EU specialist van de Vaste Kamercommissie van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Vanuit zijn functie als EU rapporteur Clean Mobility leidde D66’er Matthijs Sienot de Nederlandse delegatie. De reis naar het Duitse Mainz en vice versa ging overigens per trein.

Welke rol kan waterstof spelen in de energiesector in het transport en welke Duitse succesfactoren zijn ook uitvoerbaar in Nederland? Welnu, het antwoord op deze vraag laat nog op zich wachten. De politici hebben voldoende stof tot nadenken. Duidelijk is dat waterstof kan bijdragen aan het verminderen van de uitstoot in het algemeen en die van het verkeer in het bijzonder.

Naast een ontmoeting met Volker Wissing, de minister van Economische Zaken en Transport, werd er ook gesproken met Falk Schulte-Wintrop hoofd Busioness Analysis & Development van H2 Mobility en Jan Wegener van NOW GmbH. Het tweetal is een autoriteit op het gebied van mobiliteitsvraagstukken en waterstof kan een oplossing zijn. Om de toepassing van waterstof inzichtelijk en tastbaar te maken werd een auto afgetankt met enkele kilo’s waterstof (een eenheid waterstof wordt weergegeven in gewicht en niet in hoeveelheid, red.). Aansluitend werd er een korte rit gemaakt. Overigens is het tanken van waterstof niet ingewikkeld. De procedure is vergelijkbaar met die van LPG. Vijf minuten waterstof tanken staat gelijk aan 500 kilometer rijden, maar dan zonder directe uitstoot. Uit de ‘uitlaat’ druppelt slechts water.

De ‘Energiefabrik’ in de deelstaat Rijnland-Palts werd in juli 2015 in gebruik genomen en functioneert als proefopstelling. Er wordt elektriciteit via elektrolyse (een chemisch proces, red.) omgezet in waterstof en zuurstof. Dit is een van de manieren om een overschot aan wind- en zonne-energie op te slaan. Het geproduceerde waterstof wordt gecomprimeerd in tanks bij de fabriek opgeslagen en geschikt gemaakt voor transport met tankwagens. Deze elektrolyse gebeurt met een efficiency van 60 tot 65 procent. Ruim een derde van de energie gaat verloren. Vanwege het energieverlies is het niet handig om waterstof gebruiken om elektriciteit te produceren. Waterstof is wel heel geschikt als brandstof in een stadsbus of auto omdat het efficiënter is dan diesel. Door deze toepassing wordt een deel van het efficiency-verlies bij de elektrolyse goedgemaakt. Om de energie-efficiency goed te kunnen vergelijken moet altijd naar de hele keten worden gekeken en niet naar de afzonderlijke onderdelen.

Een mengsel van waterstof en methaangas kan probleemloos aan het aardgasnet worden toegevoegd. Dat biedt wellicht perspectief voor bezitters van een cv-ketel. Door deze te laten modificeren kan deze functioneren op het mengsel van waterstof en methaangas. In de jaren vijftig werd er verwarmd met en gekookt op stadsgas dat bestond uit methaan, waterstof en koolmonoxide. De combinatie waterstof en methaan kan tevens worden gebruikt voor voertuigen die op aardgas rijden.
Gasunie en AkzoNobel hebben vergevorderde plannen om in Delfzijl een elektrolysefabriek van 20 megawatt te bouwen. De installatie moet water gaan omzetten in zuurstof en waterstof. Op waterstof kunnen auto’s en bussen schoon rijden en voor chemiebedrijven dient waterstof als grondstof.

Recentelijk vertelde wethouder Ruud van Leeuwen van Dalfsen dat er in de nabije toekomst twee waterstofstations in de gemeente Dalfsen komen, waarvan een aan de Hessenweg.